Veilig fietsen in de stad: een paar nuttige tips

De fiets is een snelle, handige en aangename manier van stadsvervoer, ideaal om naar het werk te gaan, boodschappen te doen of gewoon een leuk tochtje te maken. Fietsen is volstrekt ongevaarlijk, zolang je maar de mogelijke risico's kent en je aan het verkeersreglement houdt. Wat zijn de mogelijke gevaren en hoe vermijd je ze?

Houd rekening met andere weggebruikers

Het eerste gevaar komt vooral van andere weggebruikers (fietsers, automobilisten en voertuigen). Wees dus op je hoede, bijvoorbeeld als je een kruispunt nadert. Vertraag, zelfs al heb je voorrang. Je moet op elk moment kunnen stoppen.

En natuurlijk hoeven we je niet te vertellen dat je je net zoals alle andere voertuigen aan de verkeersregels moet houden. Kondig je manoeuvres en richtingveranderingen vooraf aan. Zo verras je andere weggebruikers niet en neem je dus ook geen onnodige risico's.

Neem bij voorkeur het fietspad voor je veiligheid, zelfs al is dat niet verplicht (behalve wanneer een verkeersbord aangeeft dat je er niet mag fietsen).

Voorbeelden van mogelijk gevaar

Let op voor autodeuren

De deuren van een auto zijn een reëel gevaar voor stadsfietsers. Om risico's te vermijden, rijd je geparkeerde auto's dus best op 'portierafstand' voorbij. Blijf ook altijd oplettend, zodat je snel en op elk moment kunt reageren.

Het verkeersreglement zegt dat automobilisten de deur van hun auto niet mogen openslaan als ze daarmee zichzelf of anderen in gevaar brengen. Nochtans is dat gevaar heel reëel voor fietsers en gebeuren er zo nog vaak ongevallen.

 

DE DODE HOEK: EEN GEVAAR DAT JE HEEL EENVOUDIG KUNT VERMIJDEN

Het risico dat je niet gezien wordt door een autobestuurder en gekneld raakt tussen de stoep en zijn wagen kan je heel eenvoudig voorkomen. Houd altijd visueel contact met de bestuurder, en haal niet in langs rechts. Een veiligheidshesje is zeker ook een handig accessoire, zo ben je immers veel beter zichtbaar en zien auto's je dus sneller aankomen.

 

BUSSEN HEBBEN VOORRANG

Let op, in de stad heeft een bus voorrang. Kijk dus uit je doppen als je een bushalte nadert: de bus voor je kan plots in de remmen gaan en naar rechts uitwijken. En een bus die mensen afzet of oppikt aan een halte, kan op elk moment de baan weer oprijden. Denk dus aan je veiligheid, en haal een bus nooit langs rechts in. Zo kun je immers in de dode hoek belanden en bestaat de kans dat de buschauffeur je niet opmerkt als hij naar rechts uitwijkt.

 

TRAMHALTES EN -RAILS

In heel wat Nederlandse steden rijden trams. Daar moet je dus rekening mee houden als je op de fiets de stad intrekt. Als er een baanvak is voorbehouden voor de tram, neem dat dan niet met de fiets, zelfs al is dat sneller. Een tram is vrij stil, de kans bestaat dus dat je hem gewoon niet hoort komen en omver wordt gereden.

Een ander gevaar zijn de rails. Ze lijken volstrekt onschadelijk, maar kunnen een echte gesel zijn voor fietsers! Ze zijn immers een tikkeltje breder dan de banden van een stadsfiets, waardoor je er met je wiel in gekneld kunt raken wanneer je erover rijdt. En dan wordt sturen bijzonder lastig. Om dat gevaar te vermijden, let je dus best op waar je rijdt. Als je tramrails kruist, doe dat dan met een hoek van minstens 60°. En wees dubbel oplettend als de rails nat zijn.

Veilig fietsen in de stad

In de praktijk toepassen

Voetgangers kunnen ook een risico inhouden. Wees dus voorzichtig wanneer je een oversteekplaats nadert bijvoorbeeld. Het kan best zijn dat er al iemand bezig is met oversteken, en dan heeft die voorrang. Maar het is ook helemaal niet ondenkbaar dat iemand de straat oversteekt op een plek waar geen zebrapad is. Waarschijnlijk heeft die even gecheckt of er geen auto's zijn, maar het is niet ondenkbaar dat hij jou op je stille fiets niet heeft gezien. Daarom kijk je dus best altijd uit.

De gevaren komen meestal van de andere weggebruikers. Fietsen is bijzonder fijn, zolang je maar de juiste reflexen hebt! Kijk aandachtig om je heen, blijf geconcentreerd en anticipeer op alle bewegingen en manoeuvres van andere gebruikers. Zorg er ook voor dat je op elk moment kunt stoppen: houd je handen op de remmen om snel te kunnen reageren.

Gladde stukken op de weg

Op een nat wegdek moet je extra opletten! De regen zorgt voor gladde wegelementen: riooldeksels, wegmarkeringen (zoals zebrapaden), een ijzeren plaat over een geul, verluchtingsroosters, olievlekken enz. Op een droog wegdek is het dan weer opletten geblazen voor keitjes en dode bladeren op de baan.

Probeer ze te ontwijken of rijd er wat trager over. Als je pas op het laatste nippertje merkt dat je over een van die elementen rijdt, maak dan geen bruuske bewegingen om ze alsnog te vermijden. Gewoon je stuur stevig vasthouden en mooi recht rijden.

Controleer regelmatig de druk van je banden, zo vermijd je incidenten. Check ook geregeld je remmen.

Let op voor steentjes, hobbels en gaten in de weg. Het zijn obstakels die je de controle over je fiets kunnen doen verliezen, met een tuimelperte tot gevolg. Ze kunnen ook je fiets beschadigen, of ervoor zorgen dat de spullen op je bagagedrager van je fiets vallen bijvoorbeeld.

HERVÉ

Fietsspecialist bij B'TWIN

Verlichting is onmisbaar om goed gezien te worden in de stad. Fietsverlichting met dynamo, een klein lampje op je jas... het gaat erom dat je ziet en gezien wordt.

Ontdek nog meer interessante fiets tips:

NAAR BOVEN